Bart Moeyaert behoeft geen enkele introductie. Zijn
talrijke boeken voor kinderen en adolescenten zijn onderhand wereldwijd bekend:
de recente bekroning met de Astrid Lindgren Memorial Award (het equivalent van
de Nobelprijs voor jeugdliteratuur) vormt daarvan slechts een sprekend
voorbeeld. Het valt overigens op hoe de auteur gaandeweg zijn lezerspubliek
heeft uitgebreid, want zijn recente boeken zijn duidelijk ook gericht op oudere
lezers, vaak met een nostalgische terugblik op een niet zo lang voorbij verleden.
Een segment
van Moeyaerts oeuvre dat beduidend minder aandacht heeft gekregen is zijn
poëzie. Toen Moeyaert stadsdichter van Antwerpen was, strooide hij
‘gelegenheidspoëzie’ rond op allerlei manieren, maar hoe dan ook bleef het
schrijven van gedichten steeds in de schaduw van zijn imponerende proza. Ook
het pas verschenen Helium lijkt wel
een tussendoortje: het boekje is uitgegeven in klein formaat, als een soort van
klein cadeau voor de feestdagen.
Nochtans gaat het wel degelijk om een
volwaardige dichtbundel na een decennium van poëtisch stilzwijgen. Moeyaert
laat op elke bladzijde zien hoe trefzeker zijn pen blijft. Het sterkst is de
dichter in zijn beelden. In een paar zinnen weet hij een tafereel tevoorschijn
te halen dat tot de verbeelding van de lezer spreekt, dat een hele scène met
decors en personages oproept. De meeste gedichten doen daardoor denken aan
lyrische prozafragmenten. De dichter zet minder in op technisch raffinement,
maar dat neemt niet weg dat hij uitmuntende verzen schrijft, met een groot
gevoel voor ritme, toon en beeldspraak.
De meeste gedichten zijn
expliciet autobiografisch van inslag. Zo valt op hoe vaak teruggegrepen wordt
naar het verleden: de broers en de ouders, die lezers al kennen uit andere
teksten van Moeyaert. Het lijkt erop dat de kindertijd niet enkel de aanleiding
vormt tot herinneringen, maar ook tot een diepgaande bezinning op het heden. Het
leidt tot melancholische reflecties over het ouder worden, over de noodzaak om
dat verleden achter te laten. Tegelijk ontstaat net daardoor de mogelijkheid
tot verbeelding en kleuring van wat definitief voorbij is, en parallel daarmee
begint de dichter alles te verzamelen wat dat verleden kan oproepen. Ook de
gedichten vormen een soort van schuiloord om te bewaren wat verloren dreigt te
gaan: het breekbare, het anekdotische, het tijdelijke.
Dat resulteert in gedichten die
meteen lezers zullen aanspreken maar die ook aanzetten tot herlezen en
overdenken. Er zijn aangrijpende verzen over de ouders, over het dementeren en
het vergeten. Net in die aftakeling komt opnieuw ruimte vrij voor kinderlijke
associaties, voor een soort van poëtisch denken dat ontroert en openbaart. Ook
de gedichten waarin wordt gereflecteerd op het ouder worden en de behoefte om
zoveel mogelijk aandacht te vragen voor het helium, voor wat mensen even boven
de routine uittilt, zijn het lezen waard. Moeyaert is niet de meest
vernieuwende dichter, maar zijn poëzie haalt bij momenten toch het niveau van
zijn beste werk. Aanbevolen, dus.
Bart Moeyaert: Helium, Querido, Amsterdam 2019, 41
p. ISBN 9789021419633. Distributie L&M Books
© 2025 | MappaLibri