Vakliteratuur

JEUGDBOEKEN NR. 12, NOVEMBER 2016

Mirjam Noorduijn, Veerle Vanden Bosch: Het Boekenboek

door Jen de Groeve

Boeken op een zevensprong
‘Het liefst wil ik mij ongebonden voelen. Ik schrijf daarom voor een breed publiek, van kleuters tot volwassenen. Dat geeft me vrijheid in denken, fantasie en taal.’ Aan het woord is Jaap Robben, een van de schrijvers uit dit Boekenboek: onmisbare jeugdboeken uit de lage landen, 1001 onverwachte dwarsverbanden,die weliswaar met het grootste deel van zijn werk op de kinder- en jeugdboekenmarkt te vinden is.  De boekenmarkt is immers sterk gecategoriseerd. Elke uitgave krijgt een label mee, als kinder- of volwassenenboek, fictie of non-fictie, ontspanning of literatuur… Handig bij het zoeken zijn ze wel, die labels, maar beperkt zo’n strakke indeling niet ook het zicht? Dat vonden althans de auteurs van dit Boekenboek en, passend ‘bij het licht anarchistische karakter van de kinderziel’ hebben ze de grenzen en afbakeningen genegeerd en hun boek opgevat als een netwerk van verwijzingen van boek naar boek naar boek... Uitgaand van vijftig ‘grensverleggende’ Nederlandstalige kinder- en jeugdboeken, vijfentwintig illustratoren en nog eens evenveel thema’s, laten ze je kennismaken met de rijke wereld van de kinder- en jeugdliteratuur, ‘binnen de brede context van de grote boekenwereld’. De auteurs zijn de Nederlandse journaliste en critica Mirjam Noorduijn en Veerle Vanden Bosch, chef letteren van de Vlaamse krant De Standaard.  
De basisidee was ‘om een grensverleggende, rijk geïllustreerde zoekgids te maken met daarin het belangrijkste uit de Nederlandse en Vlaamse kinder- en jeugdliteratuur, daarbij verwijzend naar de internationale en volwassen boekenwereld’. De auteurs werden daarin geïnspireerd door Bart Moeyaert, artistiek intendant voor Nederland en Vlaanderen op de Frankfurter Buchmesse 2016. Met dit boek willen ze aantonen dat schrijven voor kinderen en volwassenen vaak op dezelfde invloeden teruggaan; de kinderboekenwereld is immers geen eiland: ‘Kinderboekenschrijvers blijken vaak vanuit dezelfde motieven te schrijven als schrijvers voor volwassenen en zijn net als zij ook beïnvloed door grootheden als Shakespeare*’ Anton Tsjechov*, Willem Elsschot*, Nescio*...’ De asterisk achter de namen in dit citaat uit de inleidende tekst wijst erop dat je deze schrijvers uit de wereldliteratuur deel uitmaken van het netwerk, ook al is de insteek jeugdliteratuur.
 
Centraal staan dus vijftig ‘spraakmakende’ kinder- en jeugdboeken, waaraan telkens vier bladzijden worden gewijd. De titel in kwestie wordt beschreven, er is een biografisch stukje, andere belangrijke boeken uit het oeuvre worden kort voorgesteld. De auteur zelf is ook even aan het woord over zijn/haar werk en ook een collega, recensent, regisseur, boekhandelaar of andere figuur uit de culturele wereld wordt geciteerd. Verder worden nog enkele van auteurs inspiratiebronnen getypeerd en tot slot volgen nog een paar leessuggesties, titels die op een of ander manier verwant zijn of herkenning oproepen aan het oeuvre van de auteur.
 
Dat is heel wat voor vier bladzijden, waarop boekillustraties bovendien ook hun plaats opeisen. Maar zowel inhoudelijk als qua vormgeving zijn dit stuk voor stuk boeiende en prettig lezende pagina’s. De tekstblokken worden beperkt gehouden, er is voor gekozen om boeken en auteurs aan elkaar te linken, zonder de verbanden verder uit te diepen. Je leest dus vooral in de breedte in dit Boekenboek, via verwijzingen die bijzonder accuraat zijn gelegd, en teksten die precies de kern van het werk vatten. De grote belezenheid, en de consistente kijk op literatuur van Noorduijn en Vanden Bosch blijken op elke bladzijde. De layout is uitgekiend; tekst en illustraties krijgen de ruimte, zorgen voor welgevulde, maar nooit overdadige of onoverzichtelijke pagina’s. Het gebruik van symbooltjes bij kernauteurs en kerntitels, en bij meermaals voorkomende namen en titels, is goed bedacht. In sommige paragraafjes wordt het soms wat druk op die manier, maar de symbolen sturen je doelgericht doorheen het boek.
 
Concreet betekent deze aanpak dat je in het spoor van bijvoorbeeld kernauteur Do van Ranst (Mijn vader zegt dat wij levens redden) onder meer Martha Heesen, Arnon Grunberg, Maarten ’t Hart, Jef Aerts, Sonya Hartnett en Sarah Weeks tegenkomt. En Bibi Dumon Tak (Winterdieren) leidt je ook naar Astrid Lindgren, José Saramago, Joukje Akveld, Jan Paul Schutten, Jonathan Safran Foer, Fernado Pessoa e.a. Jeugd- en volwassenenliteratuur, herkenning en verrassing komen elkaar tegen. De inspiratie voor de lezer om steeds maar verder te bladeren is groot!
 
Behalve vijftig kernauteurs worden ook vijfentwintig illustratoren en vijfentwintig thema’s telkens op een dubbele bladzijde gepresenteerd. De thematische hoofdstukken werden ‘Grabbelton’ genoemd en brengen namen en titels samen die het niet tot kerntitel of kernauteur geschopt hebben, maar waar de auteurs toch niet wilden aan voorbijgaan. In deze ‘Grabbelton’ vind je zo tien zeeverhalen (van Jules vernes Twintigduizend mijlen onder zee tot Het leven van Pi van Yann Martel), vijf gerenommeerde auteursparen (De Schuberts, Geelen en Dros…), Een ‘poëzieparade’ die gaat van ‘Dikkertje Dap tot Rond vierkant vierkant rond’, en met ‘Eindeloze series’ en ‘De kinderjury kiest…’ komen ook boeken aan bod die in de eerste plaats aan de criteria van de kinderen zelf beantwoorden. De laatste ‘Grabbelton’ wil met acht titels ieder ‘die er geen genoeg van kan krijgen’ verleiden om opnieuw het Boekenboek in te duiken en verder te zoeken.
 
Het boekenboek is mooi en met veel vakkennis gemaakt. Je leest het ook zoals je zelf graag wilt, beginnen bij het begin, of bij een naam, titel of prent waar je oog op valt. Het staat bovendien garant voor een langlopende lectuur: Elk boek staat op een zevensprong, die verschillende wegen opent om verder te lezen. Een boek zonder einde in de ware zin van het woord.
 
Amsterdam : Leopold 2016, 334 p. + ill. ISBN 9789025871314 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies



ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri