Peuters en kleuters

JEUGDBOEKEN NR. 7, MEI 2016

Bibi Dumon Tak: Siens hemel

door An-Sofie Bessemans

5+ - Wie het werk van de ruim bekroonde Bibi Dumon Tak kent, weet dat ze iets heeft met dieren. Naast jeugdromans als Soldaat Wojtek en verhalende non-fictie als Bibi’s bijzondere beestenboek, spelen ook in haar prentenboeken dieren de hoofdrol. Na Fiet wil rennen met Noëlle Smit en Ik wil ook! met Annemarie van Haeringen, maakte ze nu opnieuw met die laatste Siens hemel. En wat een prachtig boek levert dit duo af!

Het prentenboek op klein formaat valt meteen op door de bijzondere vormgeving. Tegen het wat ruwe karton steekt het zwart-gouden hondje Sien expressief af. Wie door het boek bladert, zie hoe doordacht nagenoeg volledig zwarte bladzijden met hier en daar een opvallend kleuraccent stap voor stap evolueren naar het beeld van een zwart dierenlijf waar een felle achtergrond vol kleine tekeningetjes tegen afsteekt. De duisternis en de leegte die de overleden hond nalaat maakt stilaan plaats voor een beeld van Sien en herinneringen: spelen met de bal, een stok apporteren, sokken en schoenen zoekmaken, de voederbak, jagen op andere dieren…

De prachtige prenten die het verhaal dragen, worden begeleid door klinkende, suggestieve zinnen. De eerste spread in schoolbordzwart waartegen je een witte lijntekening van een hondje in een mand ziet, wordt slechts opgelicht door een hoekje paars en in dezelfde kleur deze tekst:

‘Er stonden zwarte wolken aan de hemel toen Sien vertrok.
De lucht rommelde.
De regen trommelde.
Maar wij hoorden alleen hoe Siens laatste, allerlaatste adem
over de rand van de mand heen woei.’

Dumon Tak brengt een passende spanning aan. Op de volgende bladzijde gooit de illustratrice de ramen open en zet ze samen met de schrijfster de weersomstandigheden in om zo het verdriet te uitdrukking te geven: het is nodig dat het waait en stormt, en dat de natuur en de wereld zo lijken te delen in het verdriet dat de wij-vertellers en Klein Broertje te beurt valt.  ‘Wij’ kan daarbij overigens zowel een oudere broer en zus zijn als de ouders van Klein Broertje. Zij gaan gevoelvol, zonder vals sentiment, over tot het praktische begraven van de hond, waarbij Klein Broertje af en toe ingrijpt en vooral afscheid neemt door vragen te stellen.

De afstand tussen het aanwezige hondenlichaam en de niet meer te waar te nemen geest wordt daarbij duidelijk, net als de gehechtheid van de jongen aan het dier dat hij zijn hele leven kende. Uit de zorg voor het levenloze lichaam blijkt het verlies van een naaste vriend. Zo zorgen de personages ervoor dat de hond zacht ligt in de kuil en dat Sien niet nat wordt. Klein Broertje bergt een bal mee in het graf. Zijn stem geeft uiting aan veel vragen die kinderen zich stellen wanneer hun huisdier overlijdt (bijvoorbeeld: kun je als je dood bent nog spelen?) en de nood aan houvast. De wij-figuren erkennen subtiel het verdriet en zijn eerlijk over het raadsel van de dood. Op vragen antwoorden ze dan ook vaak ‘We weten het niet’, en ze slaan hun armen om hem heen.

Het verdriet van de jongen wordt nergens te expliciet, de focus ligt vooral op erkenning en troost. Wanneer de jongen twijfelt en zijn gemis hem leidt naar fantasie, stappen de ouderen daar niet in mee. De vragen van de jongen blijven komen, maar vaak moeten ze het antwoord schuldig blijven. De dag loopt op zijn eind en Dumon Tak maakt het op een heel eenvoudige manier glashelder: ‘We werden anders wakker’. Het slot, met een louterende illustratie van Van Haeringen in gemengde techniek, zorgt voor aanvaarding en een levende herinnering.

In Siens hemel geven illustrator en auteur in perfecte alliantie het verdriet om een overleden huisdier een hoopvolle plek. Want waar is Siens hemel eigenlijk - daarboven of ook al beneden?

Amsterdam : Querido 2016, [26] p. : ill. ISBN 9789045119052  

deze pagina printen of opslaan



ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri