Vanaf negen jaar

JEUGDBOEKEN NR. 1, JANUARI 2022

Edward van de Vendel & Ionica Smeets, Floor de Goede (ill.): Rekenen voor je leven

door Frauke Pauwels

9+ - ‘Soms moet je je engageren, anders ben je een lor,’ stelde Edward van de Vendel intussen alweer ruim tien jaar geleden. Die stelling bleef hij al die tijd trouw, wat leidde tot diverse boeken: er is in het Nederlandse jeugdboekenlandschap wellicht geen andere auteur te vinden met een oeuvre zo divers als dat van Edward van de Vendel. In Rekenen voor je leven engageert hij zich samen met hoogleraar wetenschapscommunicatie Ionica Smeets en illustrator Floor de Goede voor de waarde van rekenen en getallen.  

In dat best lijvige boek (275 pagina’s dik) willen de kinderen van groep 7 (5de leerjaar) van de Hoepsika-school komaf maken met nietszeggende reeksen sommen. Met hun juf en meester spreken ze af dat ze elk een ‘moeilijke rekenvraag’ zullen bedenken ‘die wél met het leven te maken heeft’. Zo brengt het boek persoonlijke verhalen en rekenkundige uitdagingen samen.
 
Voor dat laatste deel staat Ionica Smeets in, die bij vele Nederlanders altijd bekend zal blijven als een van de ‘wiskundemeisjes’, naar de blog die zij een tijdlang bijhield. Maar ook haar liefde voor literatuur steekt ze nooit onder stoelen of banken – zo was ze recent nog te gast bij de Grote Vriendelijke Podcast, waarin ze vertelt hoe lezen haar jonge leven bepaalde.
 
Uiteraard leveren een sterke, veelzijdige auteur, een geslaagd cartoonist en een getalenteerd wiskundige en wetenschapscommunicator met een hart voor boeken daarom nog geen grootse literatuur op. Rekenen voor je leven is een boek met een plan, en dat voel je nu en dan – of juister, dat botst hier en daar met wat ik als volwassen lezer doorgaans van jeugdliteratuur verwacht. ‘Wat gebeurt er als een klas de saaie sommen mag vervangen door rekenlessen die met hun eigen leven te maken hebben?’ kondigt het voorplat reeds aan. Dat klinkt wat spannender dan het werkelijk is, maar tegelijk slagen de makers erin werkelijk dát te bieden: een authentieke, overtuigende weergave van wat jonge kinderen bezighoudt. Die inkijk in de levens van zo veel uiteenlopende kinderen houdt de lezer wel degelijk bij de – tja – les.
 
Treffend, warm en in sprankelende taal zet Van de Vendel de klas neer. Ze is geloofwaardig authentiek en complexloos divers: kinderen in uiteenlopende gezinsvormen, van verschillende sociale klassen, met andere culturele achtergronden… net als in een ‘echte’ klas zijn ze er allemaal. Ze maken ruzie, worden verliefd, worstelen met scheidende ouders of een ‘gebrek aan gekkigheid’. Die herkenbaarheid biedt jonge lezers niet alleen een kapstok voor hun eigen ervaringen, maar nodigt ook uit om in net wat andere werelden binnen te stappen.
 
Het boek volgt een vast stramien, waarbij elk hoofdstuk een van de 22 kinderen in de kijker zet op het moment dat die een rekenvraag moet bedenken. Daarop volgt de in stripsequenties uitgewerkte rekenvraag, gevolgd door een ‘later’ waarin een getallenweetje het hoofdstuk afrondt. Hoe verdeel je een dessert voor zeven mensen, hoe kies je de snelste rij, kan je een bad nemen in je tranen, reis je beter met het vliegtuig dan met de trein…? Prikkelende vragen leiden telkens naar de basis van het rekenen, waarvan de meeste zaken voor een kind bij het begin van het vierde leerjaar (minstens deels) bekend zullen klinken: breuken vereenvoudigen, percentages berekenen, oppervlakte- en lengtematen, getallen na de komma enz. Toch blijven ze ook voor wie die basis goed onder de knie heeft boeiend.
 
Dat heeft niet alleen te maken met de gekozen vragen, maar ook met de tekenstijl van Floor de Goede. Dankzij zijn strips spatten de rekenvragen van de pagina’s af. Hij speelt vlot met werkelijkheid en verbeelding, met mimiek en perspectief, met kleur en bladschikking. In zijn herkenbare stijl zet hij de diverse kinderen treffend neer, en maakt hij ook de rekenvraagstukken inzichtelijk. Net als in de reeks rond Sofie brengen Van de Vendel en De Goede fictie en non-fictie zo schijnbaar moeiteloos samen.
 
Rekenen voor je leven is niet de eerste poging om rekenen en wiskunde te introduceren in fictie voor de jeugd: ook De telduivel van Hans Magnus Enzensberger (De Bezige Bij 2018) en Alice in Wiskunde Wonderland van Carlo Frabetti en illustrator Wendy Panders deden dat al. Anders dan in die verhalen slaat Rekenen voor je leven nadrukkelijk de brug naar het dagelijkse leven van lagereschoolkinderen. Het mikt dus op wat jonge kinderen en zet in op rekenen als basis voor wiskunde: ‘voor wiskunde heb je wel rekenen nodig. Dus eigenlijk is rekenen googolplexbelangrijk’. Wat gebeurt er dus als een wiskundige, een jeugdauteur en een illustrator de handen in elkaar slaan en saaie rekenlessen vervangen door échte verhalen? Je krijgt een sprankelend jeugdboek dat niet netjes binnen de bestaande hokjes past. Googolplex belangrijk.
 
Edward van de Vendel, Ionica Smeets en Floor de Goede (ill.): Rekenen voor je leven, Nieuwezijds, Amsterdam 2021, 275 p. ISBN 9789057125188. Distributie EPO

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 5, MEI 2022

April in Spanje

John Banville

De aftocht

Anna Eble, Marleen Nagtegaal, Matthijs de Ridder en Willem Bongers-Dek (sam.)

De draaischijf

Tom Lanoye

De val van de Taira

Anoniem

Er is nog tijd

Rodrigo García

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 5, MEI 2022

De wereldgeschiedenis in 100 dieren

Simon Barnes en Frann Preston-Gannon (ill.)

Ik blijf ook altijd bij jou

Smriti Halls, Steve Small (ill.)

King en de drakenvlinders

Kacen Callender

Mevrouw Das en Meneer Ping

Rindert Kromhout en Natascha Stenvert (ill.)

Sneeuwwit

Daan Remmerts de Vries, Mark Janssen (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri